Meer
Publicatiedatum: 15-07-2020

Inhoud

Programma 7 Zorg en Welzijn, Onderwijs en Jeugd

Inhoud

Financieel beeld

Financieel beeld Programma 7 (bedragen in € x 1.000) 2021 2022 2023 2024
Saldo Begroting 2020 - 2023 -30.017 -30.014 -30.335 -30.885
Besluitvorming na Begroting 2020 -1.437 -797 -804 -802
Structureel effect 2e Voortgangsverslag 2019 -1.430 -787 -795 -795
Septembercirculaire 2019 -7 -11 -9 -7
Begrotingssaldo vóór Perspectiefnota 2021 -31.454 -30.811 -31.139 -31.687
Mutaties Perspectiefnota 2021
Onvermijdelijke ontwikkelingen -52 -52 -52 -52
Intensiveren van adolescentencontact Jeugd en Gezin -52 -52 -52 -52
Overige voorstellen - - - -
Geen
Begrotingssaldo PN 2021 - 2024 -31.506 -30.863 -31.191 -31.739

Algemene aandachtspunten

Inkoop Sociaal domein
De samenwerkende gemeenten in de Regio Gooi en Vechtstreek doorlopen in 2020 het traject voor de inkoop van individuele voorzieningen jeugd en maatwerkvoorzieningen maatschappelijke ondersteuning. Per 1 januari 2021 lopen namelijk de overeenkomsten af met aanbieders van jeugdhulp, jeugd ggz (geestelijke gezondheidszorg voor jeugdigen), jeugdbescherming en jeugdreclassering, maatschappelijke ondersteuning en huishoudelijke hulp. De uitkomst van het inkooptraject is een kwalitatief hoogwaardig aanbod van voorzieningen, die onze inwoners en jeugdigen passende zorg en ondersteuning bieden met zorgcontinuïteit. De gemeente staat daarbij voor de opgave de baten en lasten met elkaar in balans te brengen. Om passende zorg en ondersteuning in de toekomst te kunnen blijven leveren én betaalbaar te houden, willen we de hulp en ondersteuning zo licht mogelijk, zo kort mogelijk maar wel adequaat en passend, binnen verantwoorde financiële kaders inzetten. Dit gaan wij doen met inachtneming van de plicht om zorg te dragen voor een kwalitatief en kwantitatief toereikend aanbod. Daarvoor zetten we in op sturing op kwaliteit, op maatschappelijke effectiviteit, op effect/resultaat op het niveau van de individuele inwoner en op kostenbeheersing. Zowel op regionaal niveau (bestuursopdracht) als op lokaal niveau (beleid en uitvoeringsdienst) niveau gaan we aan de slag met beheersmaatregelen. Bij de inkoop worden de volgende onderdelen betrokken:

1. Productontwikkeling - inkopen 24-uurs verblijf jeugd
De gemeente gaat voor 2021 e.v. 24-uurs verblijf voor jeugdigen op beschikbaarheid inkopen. Dat geldt naar verwachting voor onplanbare uithuisplaatsing (crisis). De afgelopen jaren is gebleken dat bij een noodzakelijke uithuisplaatsing, die onplanbaar was, een snelle plaatsing in 24 uursverblijf niet mogelijk was. Op dat moment komt de veiligheid van jeugdigen en het gezinssysteem te zeer in het geding. Het college heeft tot inkoop besloten door op 10 maart 2020 in te stemmen met het Uitgangspunten document ’Inkoop Sociaal domein 2021 e.v. Verbeteren, versimpelen en verbinden’. Gedurende het inkooptraject in 2020 werken de samenwerkende regiogemeenten diverse scenario’s uit. De gemeenten onderzoeken hierbij welke verblijfsvoorziening daadwerkelijk op beschikbaarheid wordt ingekocht en welke financieringssystematiek inclusief solidariteit tussen de regiogemeenten het meest passend is. Bekostiging vindt plaats uit het budget voor immaterieel maatwerk jeugd, want daar wordt verblijf als individuele voorziening jeugd uit bekostigd. Dit is een zogenaamde openeindregeling.

2. Doorontwikkeling respijtzorg jeugdigen
De pilot “Echte betrokkenheid”, uitgevoerd door het Leger des Heils, Spirit en Bascule, is een time-out voorziening voor jeugdigen als een vorm van respijtzorg binnen een woongroep. Hierbij wordt ook ingezet op versterking van het gezinssysteem, zodat terugkeer naar huis mogelijk wordt. De samenwerkende gemeenten overwegen tijdens het inkooptraject Sociaal domein in 2020 of deze pilot de gewenste resultaten oplevert voor jeugdige en gezinssysteem. En zo ja, hoe deze pilot is om te zetten naar een inkooprelatie per 1 januari 2021 en een daarbij passende financiering. Bekostiging vindt bij voortzetting c.q. inkoop plaats uit het budget voor immaterieel maatwerk jeugd. Het is een zogenaamde openeindregeling.

Kostenbeheersing Sociaal domein
Het afgelopen jaar is er sprake van een sterke stijging van de kosten voor ingekochte Jeugdzorg en Wmo en daarmee een toenemende overschrijding van de budgetten voor het Sociaal domein voor individuele jeugdhulp en maatwerkvoorzieningen maatschappelijke ondersteuning. Om meer grip te krijgen op de uitgaven is zowel regionaal als lokaal een traject gestart. Het doel van deze trajecten is om ervoor te zorgen dat de inwoners, waaronder de jeugdigen, de komende jaren passende zorg tegen aanvaardbare kosten krijgen.

Jeugdnota
Er is geen geld gereserveerd voor het opstellen van de jeugdnota. Incidentele kosten die nodig zijn bij het opstellen (voor bijvoorbeeld een thema-avond e.d.) worden bekostigd binnen bestaand budget. We maken gebruik van het Innovatiebudget voor het onderdeel van jongerenparticipatie voor het opstellen van de jeugdnota. Het totale overzicht van de uitgaven aan jeugdbeleid zelf (jeugdhulp, onderwijsachterstanden, jeugdgezondheidszorg etc.) worden onderdeel van het onderzoek en opstellen van de nota. Daarbij wordt ook inzichtelijk wat de eventuele flexibiliteit daarin is.

Wmo
Het abonnementstarief Wmo heeft een aanzuigende werking. De reden is dat er sinds 2019 een vaste lage bijdrage wordt gevraagd, ongeacht omvang en duur van de ondersteuning op indicatie. Iedereen betaalt dus dezelfde eigen bijdrage. We zien het beroep op huishoudelijke hulp sindsdien toenemen. Inwoners zeggen hun particuliere hulp op en doen vervolgens een beroep op de gemeente. Of ze doen alsnog een beroep op de gemeente (inwoners zien het als een recht door de aanduiding ‘abonnementstarief’) nadat ze daar eerder, voor de invoering van het abonnementstarief, vanaf hadden gezien vanwege de hoogte van de eigen bijdrage.

Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
De uitvoering van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) per 1 januari2020 wordt deels lokaal en deels regionaal bekostigd. De ICT, het lokale meldpunt en het verkennend onderzoek worden bekostigd vanuit de extra middelen die zijn toegevoegd aan het gemeentefonds (€ 49.000,- voor Gooise Meren). De inkoop van de uitvoering van de hoorplicht en de expertise bij het verkennend onderzoek worden regionaal bekostigd vanuit de rijksuitkering voor beschermd wonen.
De uitgaven blijken vooralsnog binnen de beschikbare middelen te passen. In het eerste kwartaal 2020 is er in Gooise Meren één crisismaatregel opgelegd en nog geen verkennend onderzoek uitgevoerd.

Veilig Thuis
Door de invoering van de aangescherpte Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling en de radarfunctie zijn in 2019 bij Veilig Thuis meer meldingen van geweld binnengekomen. De formatie bij Veilig Thuis is daarom al uitgebreid. Dit wordt bekostigd uit de regionale begroting van Bescherming en Opvang. Veilig Thuis heeft recent niet aangegeven nog meer formatie nodig te hebben.

In 2019 is een pilot gestart met een multidisciplinaire casus gerichte aanpak (MDA++) bij acuut en structureel huiselijk geweld, kindermishandeling, ouderenmishandeling en seksueel geweld. Deze pilot heeft als uitkomst dat de methode MDA++ voor nu een goede aanpak in kan houden, maar dat de inrichting van de structurele MDA++ aanpak een andere moet worden. Daardoor kan nu nog niet
worden overzien in hoeverre de MDA++ aanpak een formatie-uitbreiding voor Veilig Thuis noodzakelijk maakt. Het is mogelijk dat een andere werkwijze juist geen formatie-uitbreiding voor Veilig Thuis nodig maakt.

Financiële effecten na begroting 2020

Intensiveren van adolescentencontact Jeugd en Gezin
Sinds 2015 is uitvoering van het adolescentencontact een nieuwe taak voor Jeugd en Gezin. Gemeenten hebben destijds besloten dat Jeugd en Gezin deze nieuwe taak moet uitvoeren binnen de bestaande begroting. Volgens de inspectie voldoet de uitvoering van het adolescentencontact niet aan de eisen. Er ligt een plan om de contacten te intensiveren. De kosten hiervoor bedragen € 52.000 per jaar vanaf 2021. Deze kosten zijn onvoorzien, omdat er tot nog toe geen signalen van de inspectie waren. Omdat het om een wettelijke taak gaat, zijn deze kosten onvermijdelijk en kunnen we de uitvoering niet uitstellen.

Investeringen

Huisvesting onderwijs
Het Integraal Huisvestingplan Onderwijs (IHP) voorziet in de renovatie en nieuwbouw van de scholen in Gooise Meren. Om te kunnen blijven voldoen aan de uitgangspunten en ambities uit het IHP worden conform de aanbevelingen uit de second opinion in de begroting extra uitgaven gereserveerd voor indexering tot 2021. De locatiegebonden kosten zijn situatie afhankelijk en nog onbekend. Daarom zal, per project worden bekeken in hoeverre een extra vergoeding nodig is. Indien nodig worden de locatie gebonden kosten ter besluitvorming meegenomen in de raadsvoorstellen voor het beschikbaar stellen van de kredieten. In overleg met de gemeente moeten de schoolbesturen ook keuzes maken in het ontwerp, de planuitwerking, aanbesteding en opdrachtverstrekking aan uitvoerende partijen om binnen de beschikbare budgetten te blijven.

Om de jaaruitgaven van de begroting te verlagen en op kosten ten behoeve van tijdelijke huisvesting te besparen is uitgegaan van het scenario met nieuwbouw voor één van de HAVO/VWO scholen op een andere locatie en is de planning gespreid over een langere periode. In vergelijking met de planning van het IHP vallen de jaarlijkse uitgaven hierdoor circa € 3 miljoen en de incidentele uitgaven ten behoeve van tijdelijke huisvesting circa € 9 miljoen lager uit.

In de begroting zijn geen kosten opgenomen voor projecten buiten het IHP, waaronder:

• Huisvestingskosten Elan PO;
• Reservering Revolverend fonds;
• Nieuwe aanvragen voorzieningen Programma onderwijshuisvesting vanaf 2021;
• Investeringen ten behoeve van lokaal bewegingsonderwijs PO.