Beleid

Terug naar navigatie - - Beleid

Beleid

Terug naar navigatie - Beleid - Beleid

Inleiding

Bij het opstellen van de begroting 2025 was het uitgangspunt om, ondanks de beperktere financiële ruimte na 2025 als gevolg van het zogenoemde ‘ravijnjaar’ en het financieringstekort van het Rijk, zoveel mogelijk invulling te blijven geven aan de ambities uit het coalitieakkoord. Dat betekent investeren in zorg, gezondheid en cultuur, stappen maken op het gebied van klimaat en energie, de woonvoorraad beter afstemmen op de woonbehoeften en uitvoering geven aan onze mobiliteitsvisie.  De urgentie hiervan werd nog groter toen duidelijk werd dat er vanaf 2026 nauwelijks financiële ruimte resteert en er ingrijpende keuzes nodig zullen zijn en er bovendien in dat jaar de gemeenteraadsverkiezingen plaatsvinden.

Het coalitieakkoord Gooise Meren op koers, opgesteld voor de periode 2022–2026, vormt de basis voor onze programma-indeling. De zes hoofdthema’s uit dit akkoord zijn verwerkt in de begroting en geven richting aan onze inzet. De eerste twee programma’s richten zich op het sociaal domein, de programma’s drie en vier op de fysieke leefomgeving, en de laatste twee programma’s beschrijven onze aanpak op het gebied van dienstverlening en bedrijfsvoering. In alle programma’s staan de beoogde maatschappelijke effecten centraal: wat we in deze periode willen bereiken voor onze gemeente en haar inwoners.

In dit jaarverslag geven we een overzicht van de belangrijkste resultaten die binnen de verschillende programma’s in 2025 zijn gerealiseerd. In onderstaande paragrafen geven we een samenvatting per programma. Voor uitgebreidere informatie over alle activiteiten verwijzen we naar de toelichting per programma in deze jaarstukken.

 

Sociaal domein

Binnen het sociaal domein vallen de programma’s Voor en van iedereen en Kansrijk opgroeien. Deze programma’s richten zich op het gezond en prettig leven van onze inwoners, het kunnen meedoen in de samenleving én het kansrijk opgroeien van alle kinderen in Gooise Meren. Daarbij staat preventie centraal, inzetten op toegankelijke informatie, passende basisvoorzieningen en het bieden van adequate ondersteuning wanneer dat nodig is. Inwoners zijn waar mogelijk actief betrokken bij de ontwikkeling van beleid.

Programma 1 Voor en van iedereen

In 2025 heeft de ontwikkeling van laagdrempelige zelfregiesteunpunten — ook aangeduid als ‘Herstelvoorziening’ — vertraging opgelopen door een langere zoektocht naar geschikt vastgoed. Tegelijkertijd zijn er belangrijke stappen gezet op het gebied van sport en bewegen. In samenwerking met lokale sportverenigingen en op basis van onderzoek is de geactualiseerde visie sport- en buitenspelen Beweeg mee opgesteld. Deze visie nodigt inwoners, verenigingen, scholen en partners uit om gezamenlijk te blijven werken aan een gezonde en sportieve gemeenschap. Daarnaast is in de uitvoering geïnvesteerd in de aanleg en renovatie van rugby- en voetbalvelden en in LED-verlichting bij diverse verenigingen.

In het kader van de inclusieagenda zijn in 2025 verschillende activiteiten georganiseerd om verbinding te stimuleren. Voorbeelden hiervan zijn de queer voorleesmiddag in Bibliotheek Bussum, de Ratatouille-diners, de Iftar-avonden en het gezamenlijk eten van Heri Heri tijdens Keti Koti.

Verder zijn de aanbevelingen uit het rapport Herijken accounthouderschap grote subsidies grotendeels uitgevoerd voor Versa Welzijn. Dit omvat onder meer het stroomlijnen van de subsidiecyclus, het SMART formuleren van maatschappelijke effecten en het professionaliseren van het accounthouderschap. Bibliotheek Gooi+ heeft in dat kader haar activiteiten vastgelegd in een dienstenboek. Ook zijn voorbereidingen getroffen voor de ontwikkeling van een zogeheten ‘third place’, een laagdrempelige ontmoetingsplek in de gemeente.

Programma 2 Kansrijk opgroeien

Binnen het jeugdbeleid zijn in 2025 verschillende nieuwe initiatieven in gang gezet. Zo heeft Gooise Meren als eerste gemeente in Nederland het Actieplan CFCI (Child Friendly City) opgeleverd en openbaar gemaakt. In dit actieplan zijn vier prioriteiten uitgewerkt die de komende jaren richting geven aan het streven naar erkenning als kindvriendelijke gemeente.

Ook is gestart met de pilot Praktijkondersteuner Jeugd (POH Jeugd). Deze medewerker is in dienst van de gemeente en onderdeel van het jeugdteam. Al in de pilotfase blijkt dat deze brugfunctie tussen gemeente en huisartsen effectief is en zorgt voor betere ondersteuning van jeugdigen en gezinnen.

Daarnaast wordt de uitvoering van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs steeds zichtbaarder. In alle kernen van Gooise Meren zijn nieuwbouw- en renovatieprojecten in ontwikkeling, waarmee wordt gewerkt aan toekomstbestendige schoolgebouwen.

Fysiek domein

Binnen het fysieke domein vallen de programma’s Passend wonen in een groene omgeving en Economisch vitaal en bereikbaar. Deze programma’s geven richting aan de ontwikkeling van onze leefomgeving en omvatten onder meer wonen, beheer en inrichting van de openbare ruimte, duurzaamheid, economie, toerisme, werkgelegenheid en mobiliteit.

Programma 3 Passend wonen in een groene omgeving

Samen met woningcorporaties en huurdersbelangenverenigingen heeft de gemeente in 2025 invulling gegeven aan de kwalitatieve en kwantitatieve woningbouwopgave zoals vastgelegd in de Woonvisie 2025–2030. Er is gestart met een onderzoek naar woningdeelvarianten als mogelijke oplossing voor de druk op de woningmarkt. Ook zijn de eerste acties uit het uitvoeringsprogramma van de Woonvisie in gang gezet, waaronder het opstellen van woonwagenstandplaatsenbeleid en onderzoek naar een effectievere benutting van de bestaande woningvoorraad. Vanuit het actieplan Woonzorgvisie zijn voorbereidingen getroffen voor een stimulerings- en bewustwordingsprogramma dat senioren ondersteunt bij de stap naar levensloopgeschikt wonen.

Op het gebied van groen en openbare ruimte is in 2025 onderzoek gedaan naar de ontwikkeling van het bomenbestand en naar manieren om de leefomgeving klimaatbestendig te maken, bijvoorbeeld door overbodige verharding te beperken bij toekomstige reconstructies. De uitvoering van het Programma Biodiversiteit kreeg vorm o.a. door het versterken van ecologische verbindingen en het actualiseren van onderliggende beheerplannen. Daarnaast is een voorkeursscenario vastgesteld voor de herinrichting van de gemeentewerven, na het besluit tot het afstoten van de werf in Muiderberg. In buurtschap Crailo werd volop gebouwd en zijn de voorbereidingen gestart voor de inrichting van een tijdelijke beheerorganisatie.

Ook op het gebied van klimaat en energietransitie zijn belangrijke stappen gezet. In nauwe samenwerking met Liander is gewerkt aan het oplossen van acute knelpunten en het realiseren van extra elektriciteitshuisjes in de gemeente. Binnen het project Gooimeer Energie zijn energiecoöperatie Wattnu en bedrijvenvereniging FIN ondersteund bij de voorbereidingen om bedrijven energie met elkaar te laten delen. Inwoners zijn gestimuleerd om hun woningen te isoleren via subsidieregelingen, en op diverse locaties zijn maatregelen getroffen om zonne-energie te benutten. Voor de uitvoering van de Transitievisie Warmte zijn startgesprekken gevoerd in de wijk Keverdijk–Thijssepark–Vierhoven in Naarden. Daarnaast ondersteunen wij het initiatief voor een collectief warmtenet in Muiderberg.

Ook is inzet geleverd op de tracékeuze voor een nieuwe 380kV-hoogspanningsleiding die Diemen moet verbinden met Ens (nabij Emmeloord). Het bevoegd gezag is het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) samen met netwerkbedrijf Tennet. EZK/Tennet biedt gelegenheid tot de indiening van zienswijzen vanuit de provincies Noord-Holland en Flevoland. Diverse bestuurlijke (waarin Gooise Meren ook andere gemeenten uit de Regio Gooi en Vechtstreek vertegenwoordigde) en ambtelijke overleggen hebben uiteindelijk geleid tot vaststelling van voorkeurstracé ‘paars’ dat langs de A1 loopt om vervolgens af te buigen met de A6 naar het noorden. De uitkomst is de minst schadelijke variant. Maar een ‘tracé’ is eigenlijk een corridor van enige honderden meters breed; het proces vervolgt met nadere onderzoeken en detaillering om de exacte locatie te gaan kiezen.

Programma 4 Economisch vitaal en bereikbaar

In 2025 zijn verschillende initiatieven gestart om bedrijventerreinen aantrekkelijker en toekomstbestendig te maken. Zo zijn voorbereidingen getroffen voor de invoering van de Bedrijveninvesteringszone (BIZ) Gooimeer Zuid, is het strategisch accountmanagement versterkt en zijn werkgroepen gevormd om de leef- en werkomgeving op de terreinen te verbeteren. Ook is onderzoek afgerond naar mogelijke toevoeging van bedrijfsruimte (bij A1) en is handhaving gestart op Gooimeer-zuid om zoveel mogelijk schaarse bedrijfsruimte beschikbaar te houden voor bedrijven van een hogere milieucategorie.

Het uitvoeringsprogramma Circulaire Economie is concreet ingevuld met drie speerpunten: de inzet van circulaire coaches voor het mkb, het faciliteren van twee circulaire ketenprojecten en het opstellen van een regionale samenwerkingsagenda. Eind 2025 is daarnaast het uitvoeringsprogramma Voedseltransitie gepresenteerd, dat zich richt op het ondersteunen, verbinden en kennisdelen over de voedseltransitie tussen partners en initiatiefnemers.

Op het gebied van arbeidsparticipatie is het volgende te melden:

  1. In regionaal verband zijn voorbereidende stappen gezet binnen de Arbeidsmarktregio, waar het nieuwe Regionaal Werkcentrum (RWC) in Hilversum de centrale thuisbasis zal vormen;
  2. De regionale samenwerking binnen de sociale recherche is uitgebreid met handhavingstaken om de kwaliteit en continuïteit te verbeteren;
  3. De lagere, vooraf vastgestelde besteding voor re-integratietrajecten is gerealiseerd door gericht in te zetten op werkgelegenheid bij Tomingroep en op regionale trajecten zoals Werken aan Werk:
  4. Bij het toekennen en verlengen van trajecten is scherper toegezien op de toegevoegde waarde voor inwoners en zijn onderbouwing en rapportages verbeterd;
  5. Het aantal financiële hulpvragen voor schuldhulpverlening bleef in 2025 redelijk stabiel, ondanks beperkingen aan de kant van vroegsignalering.

Op het gebied van mobiliteit is een belangrijke stap gezet door het opnemen van een extra brug in de planvorming om de toekomstbestendige ontwikkeling van Muiden Noordwest mogelijk te maken. In bovengemeentelijke samenwerking (m.n. MRA) hebben we bereikt dat de resultaten van de Impactstudie A27/A1 in beeld kwamen bij Regio, MRA en Rijk. De resultaten van het onderzoek vormen een belangrijk fundament voor toekomstige oplossingen voor het spanningsveld tussen verstedelijking en bereikbaarheid in de Regio. Het parkeerbeleid is, na een uitgebreid participatieproces, vastgesteld door de gemeenteraad. De regels voor uitgifte van digitale parkeervergunningen zijn geactualiseerd en de aanbesteding van nieuwe parkeerautomaten is afgerond. Daarnaast is gewerkt aan de voorbereiding van een regionaal deelfietsensysteem. Overheden werken samen om fietsgebruik te stimuleren door aanleg van regionale fietsroutenetwerken (doorfietsroutes), waaronder in Gooi en Vechtstreek. In 2025 is een aantal deeltrajecten van de route Hilversum-Amsterdam uitgewerkt.

Tot slot is vermeldenswaard dat in MRA-verband nauw is samengewerkt om bovengemeentelijke knelpunten op het gebied van mobiliteit te agenderen bij het Rijk. De MRA heeft onder andere ingezet op investeringen in het Zuidasdok en het doortrekken van de Noord-zuid-metro naar Schiphol. Die investeringen in en rond Amsterdam zijn ook voor onze gemeente van groot belang, omdat zo ruimte wordt gecreëerd op het spoor voor een betere verbinding naar Schiphol en op internationale lijnen en verbinding naar het noorden. In 2025 kwam ook het rapport ‘Impactstudie A1/A27’ uit dat de cumulatieve effecten van grootschalige woningbouw rond Amsterdam, Almere en Amersfoort in beeld bracht. Naar 2040 zal de A1 verder vastlopen terwijl er weinig uitwijkmogelijkheden zijn; de A1 ligt ingeklemd tussen natuur, erfgoed en water, het ontbreekt aan een onderliggend provinciaal wegennet en ook het spoor heeft geen capaciteit over. Deze uitdaging is in 2025 in het MIRT-overleg onder de aandacht gebracht.

Dienstverlening en bedrijfsvoering

De programma’s Duidelijke en transparante dienstverlening en Financieel gezond richten zich op de kwaliteit van onze dienstverlening aan inwoners, bestuur en organisatie, het behoud van een gezonde financiële positie en het versterken van veiligheid en regionale samenwerking.

Programma 5 Duidelijke en transparante dienstverlening

In 2025 is gestart met de ontwikkeling van MijnZaken, een nieuwe service waarmee inwoners en ondernemers de status van hun aanvraag kunnen volgen via een track-and-tracefunctionaliteit. Dit betreft een pilot vanuit de VNG en vormt een belangrijke stap om onze dienstverlening inzichtelijker en gebruiksvriendelijker te maken. Ondanks het hoge aantal aanvragen voor paspoorten en Nederlandse identiteitskaarten is dit proces in 2025 zonder problemen verlopen.

Op het gebied van veiligheid is het Bibob-beleid vernieuwd en is het surveillanceplan voor de boa’s geactualiseerd. Ook zijn, op basis van geprioriteerde veiligheidsthema’s, uitvoeringsplannen opgesteld voor de periode 2025–2026. De geplande pilot met cameratoezicht, in samenwerking met de gemeente Utrecht, is hangende de aanbesteding van een nieuw systeem door Utrecht uitgesteld.

Daarnaast is de participatievisie herijkt, mede op basis van input van inwoners. Dit draagt bij aan een beter afgestemde en transparante manier van samenwerken met de samenleving. Ook is in 2025 extra aandacht besteed aan het versterken van de regionale samenwerking om zo goed mogelijk aan onze gezamenlijke opgaven te kunnen werken.

Programma 6 Financieel gezond

Om meer externe middelen voor de gemeente te kunnen aantrekken is een subsidieadviseur aangesteld. Bovendien is het subsidieaanvraagproces verbeterd door afronding van het subsidiehandboek, waardoor aanvragen efficiënter en zorgvuldiger kunnen worden ingediend.

Op het gebied van gemeentelijk vastgoed is een eerste onderzoek uitgevoerd naar mogelijkheden voor verduurzaming van gemeentelijke gebouwen. Dit vormt de basis voor een nog op te stellen advies waarin wordt bepaald welke panden in aanmerking komen voor verduurzaming en welke subsidiemogelijkheden daarvoor beschikbaar zijn.

De eerste analyse van de Nota Grondbeleid bevestigde dat het uitgangspunt van situationeel grondbeleid passend blijft. Dat betekent dat per situatie wordt bekeken hoe wordt omgegaan met eigendomsvraagstukken en welke rol de gemeente daarbij neemt. Wel moet de nota nog worden geactualiseerd in lijn met de Omgevingswet.

Het jaar 2025 stond daarnaast sterk in het teken van noodzakelijke bezuinigingen om de begroting sluitend te krijgen. Hierbij is onder meer gekeken naar temporisering van investeringen door de planning en technische noodzaak te heroverwegen. Naast deze maatregelen en toekomstige bezuinigingen is besloten tot een extra verhoging van de belastingtarieven vanaf 2026 om de financiële positie structureel te versterken.

Financiën

Terug naar navigatie - - Financiën

Financiën

Terug naar navigatie - Financiën - Financiën

Inleiding

Ieder jaar bij de jaarrekening kijken we terug op onze financiën en beoordelen we ons financieel beleid. In de Jaarstukken 2025 leest u hoe we met onze middelen zijn omgegaan, wat we hebben bereikt, wat we daarvoor hebben gedaan en wat dat heeft gekost. Ook staan we stil bij de consequenties voor onze financiële positie.

Rekeningresultaat

Het financieel resultaat is het saldo van de verschillen tussen de begroting na wijziging (als gevolg van besluiten in de gemeenteraad om de begroting aan te passen) en de jaarrekening.

 

Het jaarrekeningresultaat 2025 komt uit op een nadelig saldo van € 3.898.297 dit is € 2 miljoen nadeliger dan geraamd bij de decemberwijziging. De significante positieve en negatieve posten, die hieraan ten grondslag liggen, worden in deze paragraaf toegelicht. Meer gedetailleerde informatie is terug te lezen in de afzonderlijke programma's onder het kopje: ‘wat mag het kosten?’.

 

Saldo begrotingswijzigingen tot en met Decemberwijziging 2025 (N 1,8 mln.)

Op basis van de begrotingswijzigingen uit o.a. het eerste en tweede Voortgangsverslag 2025 en de Decemberwijziging 2025 was een nadelig saldo begroot van € 1.843.000.

 

Jeugdzorg (N € 3,3 mln.)

De zorgvraag naar lokale en regionale ondersteuning voor de jeugd blijft onverminderd groot. In de loop van het jaar werd al aangekondigd dat het totaal aan uitgaven de raming zou overstijgen; vanwege de onzekerheid over de exacte hoogte is dit niet in de begroting verwerkt. Uiteindelijk is het volume aanzienlijk hoger geworden zodat sprake is van een nadelig effect van €3,3 miljoen.

 

Riolering (V € 1,1 miljoen)

De aanpassing van de geraamde kapitaallasten bij riolering is abusievelijk niet in de begroting verwerkt.  Bij de berekening van de kostendekking is wel rekening gehouden met de juiste kapitaallasten.

 

Pensioenen wethouders (N €3,0 mln.)

Omdat de invoering van het nieuwe pensioenstelsel ook voor politieke ambtsdragers gaat gelden moeten we vanaf 2025 de voorziening pensioenen wethouders waarderen tegen nominale waarde. Dit is gemeld in het eerste voortgangsverslag 2025. Daarnaast hebben we de voorziening op het niveau van de dekkingsgraad van het ABP moeten brengen; ultimo 025 was dit 123,5%. De ontwikkelingen hebben ertoe geleid dat we de voorziening hebben moeten aanvullen met € 3 miljoen.

 

Uitkering Gemeentefonds (V € 2,6 mln.)

De inkomsten zijn € 2,6 miljoen hoger uitgevallen. Hiervan is € 1,1 miljoen de uitkomst van de decembercirculaire waarover uw raad met een raadsmededeling is geïnformeerd. Ook heeft de gemeente een incidentele nabetaling gekregen van € 1,5 miljoen over 2024 die verband houdt met de herrekening van een specifieke maatstaf ‘huishoudens met laag inkomen met drempel’.

 

Overige (V € 0,5 mln.)

Binnen alle programma’s zijn diverse kleinere, positieve en negatieve, effecten te constateren die optellen tot een voordeel van ca. € 0,5 miljoen. Als gezegd worden deze verschillen bij de programma’s nader toegelicht.

 

Over te hevelen budget (V 0,05 mln.)

Een incidenteel budget voor de implementatie modernisering parkeerketen is in 2025 nog niet volledig uitgegeven. De werkzaamheden en bijbehorende financiële verplichtingen lopen nog door in 2026.

 

Voorstel resultaatsbestemming

Het voorstel is om het totaalresultaat ad € 3.898.297, inclusief de budgetoverheveling ad € 54.000, aan de Algemene reserve te onttrekken.

 

Ontwikkeling financiële positie

De financiële positie van de gemeente Gooise Meren is stabiel ten opzichte van 2024. De schuldquote is licht toegenomen door het aantrekken van leningen als gevolg van een toename van de investeringsuitgaven. De solvabiliteit is lagere door een afname van de reservepositie als gevolg van inzet van de algemene reserve ter dekking van het negatief begrotingssaldo.

 

Investeringen

In 2025 is ruim € 30 miljoen uitgegeven aan investeringen in onderwijshuisvesting (o.a. Meerstroom, Vondelschool), herinrichtingen openbare ruimte (o.a. Spiegelstraat en brug Hooftlaan), ruimtelijke ontwikkelingsprojecten (o.a. Vestingwerken Muiden), Sport (Hockeyclub Naarden) en verduurzaming (Esco project Solar De Zandzee).

Leeswijzer

Terug naar navigatie - - Leeswijzer

Leeswijzer

Terug naar navigatie - Leeswijzer - Leeswijzer

Algemeen
In het kader van de voorbereiding van de fusie zijn richtlijnen ontwikkeld voor de producten uit de planning en control cyclus inclusief de jaarstukken. Deze richtlijnen worden sindsdien gehanteerd. De indeling en inhoud van de Jaarstukken 2025 is dan ook gelijk aan die van de Programmabegroting 2025-2028. In deze jaarstukken herkent u de opzet van de programmabegroting. 

Antwoord op de vier W-vragen
Daar waar het bij de begroting draait om vragen als: Wat willen we bereiken?, Wat gaan we ervoor doen?, Wat mag het kosten en Welke verbonden partijen zijn erbij betrokken? zoomen de jaarstukken in op: Wat hebben we bereikt?, Wat is daarvoor gedaan, Wat heeft het gekost? en Welke verbonden partijen waren erbij betrokken? Per programma is aangegeven waar we naar streven (het maatschappelijke effect). In 2025 zijn per programma ook de meest relevante beleidsnota’s aangegeven. Per deelprogramma is het gewenste effect nader uitgewerkt in Wat willen we bereiken. Deze teksten zijn grotendeels  overgenomen uit het coalitieakkoord. Onder Wat hebben we daarvoor gedaan in 2025? rapporteren we vervolgens per maatregel/ambitie uit het college-uitvoerings-programma over de resultaten van de voorgenomen maatregelen om de gestelde doelen te bereiken. In deze jaarstukken lichten wij op die manier toe of en waarom er afwijkingen zijn tussen de voorgenomen plannen uit de begroting en wat er daadwerkelijk gerealiseerd is.

Financiële toelichting per programma
Onder Wat heeft het gekost? worden de belangrijkste financiële over- en onderschrijdingen verklaard. In de tabellen van deze jaarrekening is sprake van afronding van getallen. Hierdoor kunnen afrondingsverschillen ontstaan.

Paragrafen
De (verplichte) paragrafen geven een dwarsdoorsnede van de jaarstukken. U vindt hier informatie over lokale heffingen, het weerstandsvermogen en de risicobeheersing, onderhoud van kapitaalgoederen, financiering, bedrijfsvoering, verbonden partijen, het grondbeleid en openbaarheid.

Indicatoren
Omdat de verplichte indicatoren over het algemeen niet voldoende zeggen over de effectiviteit van het beleid is met de raad afgesproken om eigen indicatoren te ontwikkelen die deze informatie wel bieden en die daarmee ook sturingsmogelijkheden geven. In de voorliggende Jaarstukken 2025 zijn voor programma 1 tot en met programma 5 indicatoren opgenomen. De vanuit de regelgeving verplichte beleidsindicatoren per programma zijn opgenomen in een bijlage.