Programma 2 Kansrijk opgroeien
2.2. Jeugdzorg
Terug naar navigatie - - 2.2. JeugdzorgIn- en uitstroom sociaal domein
Terug naar navigatie - 2.2. Jeugdzorg - In- en uitstroom sociaal domeinHet college herkent de zorgen van de raad (zie motie M25-67 Werken aan een lagere instroom en een hogere uitstroom in het sociaal domein) over de toenemende druk op het sociaal domein en de financiële houdbaarheid. Deze zorgen sluiten aan bij een brede maatschappelijke trend van toenemende zorgvraag en complexiteit, met name binnen de jeugdzorg.
Er worden reeds stappen gezet om instroom te beperken en uitstroom te bevorderen. Dit gebeurt overigens juist vooral door inzet op bovenwettelijke taken, deze dragen bij aan het beheersbaar maken van de kosten in het Sociaal Domein. Zo wordt ingezet op:
• De inzet en doorontwikkeling van POH’s Jeugd om lichtere problematiek eerder op te vangen;
• Het versterken van regievoering bij gestapelde zorg, met als doel betere samenhang, kortere trajecten en effectievere ondersteuning;
• Datagedreven werken om beter inzicht te krijgen in instroom, duur van trajecten en uitstroom, en om gerichter te kunnen sturen;
• Samenwerking scholen, welzijnspartijen en andere partners om te normaliseren en/of zwaardere zorg te voorkomen.
Deze uitgangspunten willen we ook nadrukkelijk meenemen in de regionale inkoop, waarbij wordt gestuurd op passend, effectief en doelmatig aanbod.
Het kwantificeren van financiële en maatschappelijke effecten van deze maatregelen is ingewikkeld. Ontwikkelingen in het sociaal domein worden sterk beïnvloed door externe factoren, zoals landelijke wetgeving, demografische ontwikkelingen en maatschappelijke verwachtingen.
Met deze inzet werkt het college al aan de kern van de motie, binnen de beschikbare wettelijke en beleidsmatige ruimte en met oog voor zorgvuldigheid richting inwoners.
Kosten Jeugdzorg
Terug naar navigatie - 2.2. Jeugdzorg - Kosten JeugdzorgDe afgelopen jaren zaten we structureel ongeveer € 2 miljoen boven de begroting. Daarom hebben we voor 2026 een bedrag van € 1,8 miljoen (grotendeels vanuit toekenning meicirculaire) toegevoegd om tot een realistischere begroting te komen.
Toch willen we ook voor 2026 een winstwaarschuwing afgeven voor de te verwachten kosten op de post jeugdhulp. In de praktijk zien we namelijk de volgende signalen:
• Een toename in het aantal unieke cliënten
• Door geïndexeerde tarieven werden de budgetplafonds de afgelopen jaren verhoudingsgewijs steeds sneller uitgenut en waren er meer verlengingen nodig om de resultaten te behalen. Per 1-1-2026 zijn de budgetplafonds van de ambulante jeugdhulppakketten daarom fors opgehoogd (ad 40%). Binnen de nieuwe budgetplafonds zien we de tarieven in 2026 verder stijgen (variërend van 6 tot 7,7% per functiegroep)
• De beweging waarbij gesloten jeugdhulp wordt afgebouwd, wat resulteert in een toename van kleinschalige, duurdere verblijfsvoorzieningen met 1-op-1 begeleiding
• Excessieve casussen kunnen op willekeurig momenten zorgen voor onvoorziene kosten
Met ingang van maart 2026 hanteren we een nieuwe Verordening Jeugd. Met de nieuwe werkwijze krijgen we beter zicht op wat we afvangen richting het voorveld. Want in deze werkwijze wordt iedere vraag naar ondersteuning en jeugdhulp geregistreerd. En zetten we - nog meer dan voorheen - in op eigen kracht van het gezin en het directe netwerk. In het tweede voortgangsverslag verwachten we een specifieker beeld te hebben van de mogelijke overschrijding.
2.3. Onderwijs & onderwijshuisvesting
Terug naar navigatie - - 2.3. Onderwijs & onderwijshuisvestingUitbreiding Voorschoolse Educatie 2026
Terug naar navigatie - 2.3. Onderwijs & onderwijshuisvesting - Uitbreiding Voorschoolse Educatie 2026De Voorschoolse Educatie is een voorziening vanuit het Onderwijsachterstandenbeleid om kinderen met een (taal)achterstand extra begeleiding te geven in de kinderopvang zodat ze niet met een grote achterstand op het basisonderwijs beginnen. Gemeenten zijn verplicht om een dekkend aanbod aan Voorschoolse Educatie te organiseren. Dit wordt gecontroleerd door de onderwijsinspectie. In onze gemeente is daarvoor een opschaling nodig van het aantal plaatsen. In 2026 betreft dat een eerste opschaling van 30 extra plaatsen.
Financiële gevolgen in Begroting 2026: € 222.000 (structureel)
Sanering gemeentelijk perceel De Walden
Terug naar navigatie - 2.3. Onderwijs & onderwijshuisvesting - Sanering gemeentelijk perceel De WaldenIn het plangebied De Walden ligt een gemeentelijk grondeigendom. Dit perceel wordt ingebracht in de planontwikkeling en geruild voor een gedeelte van het perceel voor de VO-school. Uit bodemonderzoek is gebleken dat de grond vervuild is. Er moet nog nader onderzoek plaatsvinden, maar de saneringskosten worden globaal geraamd op 750.000 euro. Deze kosten waren niet voorzien. Voor 2026 is een onderzoekbudget nodig van 50.000 euro. Daarna komen wij bij uw raad terug voor het definitieve benodigde saneringsbudget.
We hebben een perceel van 6.000 m2 wat is vervuild. Op dit gedeelte komt woningbouw. Voor de school hebben we een perceel van 12.500 m2 nodig. 6.000 m2 krijgen we dus via ruiling en we kopen 6.500 bij van de ontwikkelaar Fransvast. Er staat dus geen opbrengst tegenover, maar we hoeven minder aan te kopen. De kosten van de aankoop van de grond is onderdeel van de raming die in het IHP is opgenomen.
De afspraken hierover zijn vastgelegd in een anterieure overeenkomst. Zowel gemeente als Fransvast leveren percelen vrij van verontreinigingen (de overeengekomen milieukundige staat). Dus grond geschikt voor de toekomstige functie (wonen, school). In 2026 is de voorbereiding van de sanering voorzien, nader onderzoek, saneringsplan en sloop opstallen. De feitelijke sanering vindt dan in q1 van 2027 plaats.
Financiële gevolgen in Begroting 2026: € 50.000 nadeel (incidenteel)
Passende BSO
Terug naar navigatie - 2.3. Onderwijs & onderwijshuisvesting - Passende BSODeze buitenschoolse opvang is voor kinderen met een zorgvraag, maar valt onder de Wet Kinderopvang. Bestuurlijk is er regionaal aan gecommitteerd om deze voorziening te handhaven.
In de Kinderopvang zien we dat er een toename is aan complexe problematiek, hier is de raad eerder over geïnformeerd (zaak 1020960). Deze kinderen passen niet thuis in reguliere kinderopvang en ook niet binnen de Voorschoolse Educatie. Er is daardoor een grotere doorstroom van kinderen naar voorzieningen met extra zorg. De Passende BSO is zo’n voorziening.
Op dit moment hebben we het over zo’n 26 kinderen. Daardoor zien we nu een toename in kosten van ongeveer € 100.000 naar € 135.000 in 2026, en een verwachting van kosten van € 160.000 in 2027.
Omdat dit college een beleidsarm voortgangsverslag wil aanbieden, wordt voorgesteld de financiële consequenties van dit voorstel niet vooruitlopend te besluiten, maar mee te nemen in de integrale afweging door het nieuwe college.