Programma 4 Economisch vitaal en bereikbaar
4.2. Toerisme & cultureel erfgoed
Terug naar navigatie - - 4.2. Toerisme & cultureel erfgoedAfmeervoorzieningen
Terug naar navigatie - 4.2. Toerisme & cultureel erfgoed - AfmeervoorzieningenBij de vaststelling van de Liggeldverordening (RV 787564, 10 juli 2024) heeft de raad incidenteel budget beschikbaar gesteld voor het verwijderen van illegale steigers en boten, de tijdelijke opslag van boten en het realiseren van aanlegvoorzieningen. De uitvoering van deze werkzaamheden is vertraagd, waardoor de handhaving op illegale situaties later dan gepland kan starten.
Hierdoor kunnen de geraamde opbrengsten uit liggelden en aanverwante vergoedingen in 2026 nog niet volledig worden gerealiseerd. De geraamde baten worden daarom incidenteel met € 100.000 verlaagd. Na afronding van de werkzaamheden en het starten van de handhaving kunnen de verwachte opbrengsten alsnog worden gerealiseerd.
Financiële gevolgen in Begroting 2026: € 100.000 nadeel (incidenteel)
4.3. Werk & inkomen
Terug naar navigatie - - 4.3. Werk & inkomenOpbouw nieuw sociaal ontwikkelbedrijf in de regio Gooi en Vechtstreek
Terug naar navigatie - 4.3. Werk & inkomen - Opbouw nieuw sociaal ontwikkelbedrijf in de regio Gooi en VechtstreekHet Algemeen bestuur van GR Tomingroep heeft eind 2025 besloten om toe te werken naar de ontvlechting van de huidige GR Tomingroep en naar de ontwikkeling van twee afzonderlijke sociale infrastructuren in Almere en de Gooi en Vechtstreek per 1 januari 2028. Voor de kosten van de transitie van Tomingroep worden de ‘impulsmiddelen sociale infrastructuur’ ingezet die meerjarig door het rijk beschikbaar worden gesteld. Voor de Gooi en Vechtstreek is overeengekomen dat de gemeenten Hilversum en Gooise Meren het eigenaarschap dragen van het nieuwe sociaal ontwikkelbedrijf in deze regio. Er zijn middelen nodig voor het opbouwen van het nieuwe bedrijf. De kosten van het projectteam dat daartoe is ingericht zijn geraamd op € 211.200 in 2026 en op € 449.440 in 2027. Voor Gooise Meren is de raming vastgesteld op € 71.639 in 2026 en op € 152.450 in 2027.
De kosten worden naar rato van inwoneraantal verdeeld over beide gemeenten. Binnen het Algemeen bestuur van Tomingroep wordt gemonitord of er budgetair ruimte ontstaat om de kosten zo mogelijk ook met inzet van de ‘impulsmiddelen’ te dekken. Dit is vooralsnog niet aan de orde.
Financiële gevolgen in Begroting 2026: € 72.000 nadeel (incidenteel)
Tijdelijke externe inhuur consulent Inkomen
Terug naar navigatie - 4.3. Werk & inkomen - Tijdelijke externe inhuur consulent InkomenBinnen Team Inkomen is één medewerker langdurig uitgevallen. Het betreft een specialistische functie binnen een team van vijf medewerkers, waarbij werkzaamheden worden uitgevoerd die direct samenhangen met de uitvoering van wettelijke taken op grond van de Participatiewet. Vanwege de specialistische aard van deze werkzaamheden is vervanging vanuit de huidige organisatie niet mogelijk.
Door de beperkte omvang van het team bestaat onvoldoende capaciteit om de werkzaamheden intern op te vangen. Hierdoor komen de continuïteit van de dienstverlening aan inwoners, de tijdige afhandeling van aanvragen en mutaties en de rechtmatige uitvoering van de wettelijke taken onder druk te staan. Zonder aanvullende capaciteit neemt het risico toe op achterstanden, overschrijding van wettelijke termijnen en een verminderde dienstverlening.
Om deze risico's te beheersen en de continuïteit van de uitvoering te waarborgen, wordt voorgesteld om met ingang van 1 september 2026 voor een periode van zes maanden tijdelijke externe capaciteit in te huren. De hiermee gemoeide kosten bedragen naar verwachting circa € 70.000. Deze kosten worden als onvermijdelijk beschouwd en worden daarom opgenomen in Voortgangsverslag 2 (VV2).
Financiële gevolgen in Begroting 2026: € 46.800 nadeel (meerjarig incidenteel)
Inhuur kwaliteitsmedewerker Inkomen wegens langdurige ziekte
Terug naar navigatie - 4.3. Werk & inkomen - Inhuur kwaliteitsmedewerker Inkomen wegens langdurige ziekteDe tijdelijke inhuur van een kwaliteitsmedewerker Inkomen is noodzakelijk ter vervanging van een medewerker in vaste dienst die vanaf 6 maart 2026 langdurig ziek is. De inzet vanaf 1 mei 2026 borgt de continuïteit en kwaliteit van de uitvoering binnen het domein Inkomen en draagt bij aan de gemeentelijke doelstelling om inwoners tijdig, zorgvuldig en rechtmatig te ondersteunen. Daarnaast ondersteunt de kwaliteitsmedewerker medewerkers in de uitvoering van de Participatiewet en draagt deze bij aan de tijdige implementatie van wettelijke ontwikkelingen, waaronder de Participatiewet in Balans. Over de noodzaak van deze tijdelijke vervanging heeft reeds afstemming plaatsgevonden met de destijds verantwoordelijk wethouder.
Zonder tijdelijke vervanging ontstaat een reëel risico op kwaliteitsverlies in de uitvoering, vertraging in implementatietrajecten en een toenemende werkdruk voor medewerkers. Hierdoor neemt de kwetsbaarheid van de organisatie toe, met als mogelijke gevolgen onjuiste besluitvorming, een toename van bezwaar- en beroepsprocedures, financiële risico’s en een verminderde dienstverlening aan inwoners. Tijdelijke inhuur is daarom noodzakelijk om de kwaliteit, rechtmatigheid en continuïteit van de dienstverlening te waarborgen
Financiële gevolgen in Begroting 2026: € 96.453 nadeel (meerjarig incidenteel
Hoe het BUIG-budget wijzigt
Terug naar navigatie - 4.3. Werk & inkomen - Hoe het BUIG-budget wijzigtHet huidige budget voor de Participatiewet (BUIG) staat aan de lasten- en batenkant geraamd op € 11,3 miljoen. Deze raming is inmiddels achterhaald (de feitelijke lasten en baten in 2025 bedroegen respectievelijk € 15,9 miljoen) en dient structureel te worden aangepast. Het ministerie van SZW heeft het nader voorlopige budget in 2026 voor Gooise Meren vastgesteld op € 15,8 miljoen. De rijksbaten en lasten vallen hierdoor € 4,5 miljoen hoger uit. We stellen de baten en lasten structureel bij naar deze voorlopige budgetvaststelling. Dit is een budget neutrale wijziging. Het Rijk maakt het definitieve budget in september 2026 bekend. De definitieve vaststelling wordt meegenomen in de decemberwijziging.
Financiële gevolgen in Begroting 2026: € 4.568.714 budgettair neutraal structureel)
Transitiekosten opvang Oekraine budgetteren
Terug naar navigatie - 4.3. Werk & inkomen - Transitiekosten opvang Oekraine budgetterenVoor de verbouwing van de opvanglocaties Laarderweg 11 en Gooimeer 10 is in 2025 respectievelijk €1.206.084 en €3.383.147 aan transitievergoeding aangevraagd. Door vertraging van de verbouwingen is in 2025 niet de volledige vergoeding benut. Het openstaande bedrag van 2025 is teruggestort aan het rijk.
Voor 2026 is het openstaande bedrag van de vergoeding weer aangevraagd. €3.383.147 voor de verbouwing van Gooimeer 10. €195.584,35 voor de verbouwing van de Laarderweg 11. Daarnaast is opvanglocatie Markstraat 66 gesloten. Voor de kosten van de terugbouw is €18.150 aangevraagd. In totaal is €3.596.881,35 aan transitievergoeding aangevraagd. De vergoeding zal in 2026 volledig benut worden.
Er zullen dit jaar nog meer vergoedingen voor transitiekosten (verbouwingskosten) worden aangevraagd. De hoogte daarvan is op dit moment nog niet bekend. Dit is een budget neutrale wijziging, aangezien de middelen voor deze lasten als specifieke uitkering vanuit het Rijk worden ontvangen.
Financiële gevolgen in Begroting 2026: € 3.596.881 budgettair neutraal incidenteel)
4.4. Mobiliteit
Terug naar navigatie - - 4.4. MobiliteitExtra onderhoudsbudgetten parkeergarages en straatparkeren
Terug naar navigatie - 4.4. Mobiliteit - Extra onderhoudsbudgetten parkeergarages en straatparkerenAls gevolg van het nieuwe parkeerbeleid en de inrichting van de integrale parkeerketen worden de kosten voor parkeerdienstverlener P1 gedekt vanuit de onderhoudsbudgetten voor parkeren. Uit een inventarisatie van de benodigde uitgaven is gebleken dat deze budgetten ontoereikend zijn. Voor het beheer van de oude parkeermeters waren de kosten begin 2026 erg hoog. Daarom is voor 2026 aanvullend onderhoudsbudget benodigd. Vanaf 2027 worden deze kosten structureel in de begroting opgenomen waarbij de lasten voor Straatparkeren lager uitvallen omdat de parkeermeters vervangen zijn.
Financiële gevolgen in Begroting 2026: € 295.000 nadeel (waarvan € 214.000 structureel)